Vleesverwerkers verdeeld over herkomst op etiket
De Nederlandse vleesfabrikanten zijn verdeeld over de wens van het Europees Parlement om op levensmiddelenetiketten het land van herkomst van het product te vermelden.
Vlees dat van Nederlandse bodem komt kan zo een voorkeurspositie krijgen bij de consument, redeneren de voorstanders. Tegenstanders stellen dat 'herkomst' moeilijk te bepalen is en dat invoering van de herkomstetikettering tot kostenstijgingen en dus hogere verkoopprijzen zal leiden.
De herkomst van bepaalde levensmiddelen zoals rundvlees, honing, olijfolie en vers fruit wordt op het moment al op de etiketten van levensmiddelen vermeld. Het Europees Parlement pleit er nu ook voor om de afkomst van enkelvoudige producten als vlees, gevogelte, zuivelproducten en groenten en fruit op het etiket te zetten. Zodra de wetgeving is aangenomen heeft de voedselindustrie vijf jaar de tijd om de regels door te voeren.
Marc van der Lee, directeur communicatie van voedingsmiddelenproducent Vion Food Group, ziet de kansen. "De reden dat het Europees Parlement hier op aanstuurt is om transparantie en vertrouwen bij onder andere de consument te versterken. Wij kunnen een compleet assortiment Nederlands varkens- en rundvlees aanbieden dat aan de hoogste kwaliteitseisen voldoet. Vlees van Nederlandse bodem wordt zo voor de consument herkenbaar en het biedt keuzevrijheid bij het schap. Dat kan meerwaarde hebben."
Erik Vliek, directeur quality assurance en research & development van vleesproducent Zwanenberg Food Group, ziet praktisch grote bezwaren. "Wat is de definitie van herkomst als een vleesproduct in Nederland wordt gemaakt en geëxporteerd naar Engeland, terwijl het vlees is gefokt in Denemarken en geslacht in Duitsland?" De meerwaarde voor de consument ziet Vliek niet. "Voor de productie van vers vlees gelden immers overal binnen de Europese Unie dezelfde richtlijnen. Herkomstetikettering heeft juist nadelen voor de consument omdat het onvermijdelijk zal leiden tot kostenstijgingen en dus hogere verkoopprijzen."
bron: Levensmiddelenkrant

